Posts tonen met het label sociale media. Alle posts tonen
Posts tonen met het label sociale media. Alle posts tonen

dinsdag 10 januari 2012

Twitter

Met een vriendin die een eigen bedrijf heeft, bediscussieer ik de sociale media. Op een workshop was haar verteld dat Twitter het digitale alternatief voor het buurtcafé was en dat je het medium ook op die manier moest benaderen.
‘Daar ben ik het niet mee eens’, was mijn reactie. ‘Ik vind Facebook de gezellige kroeg, waar iedereen komt buurten en je kan kletsen. Twitter is wat mij betreft je uithangbord en de reclamezuil, niets gezelligs aan. Twitter vind ik vooral heel hard werken.’

Wat mij betreft betekent Twitter het liefst een paar keer per dag, in maximaal 140 tekens, laten zien hoe leuk, slim, grappig en geïnformeerd je bent. In de enorme brij van berichten, moet jouw boodschap opvallen. Een retweet of een reactie vind ik een succes en motiveert me om me opnieuw te buigen over 140 tekens.
Ik snap hoe ik een link zo verklein, dat ze geen ruimte in neemt, ik snap de functie van de hashtags en gebruik ze ook. Toch blijft 140 tekens puzzelen, want je wilt zoveel mogelijk zeggen, maar het moet wel leesbaar blijven.
Na lang beraad heb ik besloten om dat twitteren in het Nederlands te doen onder de naam van m’n bedrijfje Warmerschrijven. Dat geeft me de ruimte om vooral vakinhoudelijke berichten over de integratie van kinderen met een beperking in de rondte te sturen en iedere dag m’n blog op Lotje&co te promoten.
De truc van Twitter is zorgen voor volgers. Langzaam leer ik hoe dat moet en dan opeens komen ze vanzelf. Mensen die ik niet ken, maar die het leuk vinden om mijn berichtjes te lezen sluiten zich aan en ik sluit me bij hun aan.

Iemand twittert een enthousiaste reactie op mijn boek ‘Blonde haren onder een Cowboyhoed’; de retweet is snel gemaakt. Als Lotje&co een bericht van mij overneemt, krijg ik meteen reacties.
Dan kom ik via Twitter in contact met de redactie van www.gezinspiratie.nl een website voor ‘al die momenten dat je behoefte hebt aan een momentje voor jezelf, met leuke artikelen, inspirerende weetjes en een (digitale) vriendinnenschare’.
‘Zou je het leuk vinden om op onze site te komen bloggen?’ vraagt de hoofdredactrice.

Natuurlijk zeg ik ja, trots dat mijn digitale netwerk z’n vruchten begint af te werpen. Met deze stap, beginnen zich in mijn hoofd nieuwe ideeën te vormen, voor nieuwe schrijfprojecten en nieuwe routes om m’n werk te promoten. Enthousiast schrijf ik m’n biografie en stuur hem met een foto naar Gezinspiratie.
Zodra m’n eerste verhaal geplaatst is, laat ik je het weten. Via deze plek en natuurlijk via Twitter: @warmerschrijven.

donderdag 8 december 2011

Munten

Via Skype klets ik meer dan een uur met een vriendin, die in Nederland achter haar bureau zit. Ze heeft vast de gordijnen al dicht om de donkere decemberlucht buiten te sluiten en denkt aan ‘t avondeten. Ik zit ook achter mijn bureau, maar in de stralende ochtendzon en voel meer voor een lunch.
Als we ophangen bedenk ik me hoe anders het leven vroeger moet zijn geweest voor ‘Nederlanders in den vreemde’. Voor contact met het thuisfront waren ze afhankelijk van de post en hele dure telefoonminuten. Nu brabbel ik met m’n babynichtje via Facetime en stuur de betreffende vriendin al kletsend de Linkedin gegevens van een oud-collega die in haar netwerk past.

Ik stap over een enorme drempel heen en koop voor het eerst in m’n leven een fancy jurkje. Ik schrijf er een stukje over, plaats dat online en plaats de link op Facebook. Binnen een paar uur regent het reacties. Reacties uit Nederland, uit Houston en van moeders van school. Het jurkje in mijn kast begint ervan te schitteren, ik loop lachend rond en krijg steeds meer zin om het aan te trekken.
NSGK (Nederlandse Stichting van het Gehandicapte Kind) zendt een persbericht de wereld in -via email uiteraard-, dat in nauwe samenwerking met mij tot stand is gekomen. Het persbericht meldt: ‘ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van uitgever Boekenplan uit Maastricht, ontvangt NSGK (Nederlandse Stichting voor het Gehandicapte Kind) vanaf vandaag één euro per verkocht exemplaar van ‘Blonde haren onder een Cowboyhoed’. Trots meld ik op Twitter dat mijn boek nu helemaal een mooi kado is voor onder de kerstboom.

In een niet-digitale wereld zou ik geen boek op mijn naam hebben staan, zou ik geen leuk contact hebben opgebouwd binnen NSGK, ook al heb ik de betreffende persoon nog nooit in levende lijve ontmoet. In de niet-digitale wereld zou NSGK veel minder sponsoring binnen halen. Waardoor vele projecten met als doel om kinderen met een handicap dezelfde kansen te geven als ‘gewone’ kinderen, niet zouden plaatsvinden.

In de niet-digitale wereld had ik andere keuzes gemaakt, was mijn leven anders verlopen. Ik prijs mezelf gelukkig dat ik de digitale mogelijkheden wel heb. Met m’n boek kan ik niet alleen in woorden een steentje kan bijdragen aan een betere wereld (waar kinderen met een handicap onderdeel zijn van het gewone leven) maar sinds vandaag ook in klinkende munten. Koop ‘m dus: ‘Blonde haren onder een Cowboyhoed’ en laat me op Facebook weten wat je ervan vindt.

dinsdag 9 november 2010

Router

Hoe deden we dat vroeger zonder sociale media? Hoe hielden we kontakt? Ik herinner me dat ik wel eens avonden heb zitten bellen om een etentje te regelen met oud-dispuutsgenoten. Ik was alleen al een hele week bezig om alle telefoonnummers en emailadressen te vergaren. Dat zou nu een fluitje van een cent zijn: een berichtje op het juiste netwerk en iedereen weet van een etentje. Met de nadruk op juiste netwerk; want met één account kom je niet ver meer, vandaag de dag.

Met m’n Amerikaanse en internationale netwerk zit ik gezellig op Facebook. Zonder zelf veel te schrijven blijf ik op de hoogte hoe het die ene Australische vriendin die is terug verhuisd, vergaat aan de andere kant van de wereld. Ik stuur een berichtje en ze schrijft terug dat ze bijna toe zijn aan het ophangen van de schilderijen en het dus goed gaat.
Ik lees dat een Britse kennis in Virginia zwanger is van nummer vier en ik val bijna van mijn stoel; wie wil er nou vier kinderen? Ik zet mijn reactie on line en alle andere moeders waar ik iedere maand mee koffie dronk, reageren.
Mijn voertaal op Facebook is Engels, ook met de Nederlanders in mijn internationale netwerk. Ik vertel over de grote activiteiten in ons leven en plaats af en toe wat foto’s.

Opvallend genoeg zit m’n Nederlandse netwerk vooral op LinkedIn; mijn Hyves account met drie vrienden leidt een slapend bestaan. Misschien een generatieding? Misschien de Nederlandse Calvinistische instelling dat alles nut moet hebben, dus ook de sociale media?
Het maakt niet uit, LinkedIn is dé plek om oud-collega’s, studiegenoten en lang vergeten kennissen opnieuw te ontmoeten en zakelijke contacten nieuw leven in te blazen. Mijn voertaal is Nederlands, ik vertel over mijn schrijfwerk en plaats opvallende berichten en artikelen door.

Ja, en natuurlijk Skype ik, chat ik iedere dag met m’n zus en m’n vader, zodat ik meestal als eerste op de hoogte ben van alle familieperikelen en volg ik mijn zwager op Twitter voor al het nieuws uit Woudsend.
Ik kan niet meer zonder en schrok me gisterenavond een hoedje toen de lampjes van de router het even niet meer deden.