Posts tonen met het label verhuizen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verhuizen. Alle posts tonen
woensdag 4 juli 2012
Dat er zo gekeken wordt
Ik sta bij de kassa van de Albert Heijn. Als ik moet afrekenen, kan ik mijn lachen bijna niet inhouden. 35 Euro voor zo’n berg boodschappen? Ik reken het snel om naar dollars, maar zelfs dan is het nog steeds spotgoedkoop. Fluitend steek in m’n pinpas in ‘t apparaat en klets even met de caissière. Pas als de melk, de groente en de fles wijn op de band blijven liggen, realiseer ik me dat ik ze zelf in moet pakken. Hier geen ‘bagger’ die met een vriendelijk goedemorgen mijn boodschappen in de klaarhangende tasjes stopt. Lees verder op Gezinspiratie
vrijdag 29 juni 2012
Netwerk
Julian mocht mee met het schoolreisje van de Internationale school. Maar was ook uitgenodigd om een keer mee te trainen met de Bredase zwemclub. Dus toen ik hem aan het einde van de dag ophaalde van z’n dagje Efteling, reden we meteen door naar het zwembad, ook al was hij eigenlijk doodop.
Simeon en Daniël moesten zeer tegen hun zin mee en een uur op de warme, vochtige tribune zitten. Een zakje chips hielp, maar maakte niet goed dat papa niet kwam opdagen; hij stond in de file. Toen Julian met natte haren uit de kleedkamer kwam, was het al na zevenen, we moesten nog steeds eten. ‘Zullen we ergens wat eten?’ stelde ik voor.
‘Ja, laten we naar Ome Jan gaan’, besliste Harro toen we weer thuis waren.
‘Auto?’ vroeg Daan en keek bezorgd.
‘Nee, niet auto, we kunnen naar het restaurant toelopen.’
Binnengekomen, liepen we meteen door naar het achterste gedeelte van de zaak, waar een groot terras is met een speeltuin.
‘Hé, wat doen jullie hier?’ hoorden we voordat we ook maar hadden kunnen bedenken waar we wilden gaan zitten. We vielen midden in de klassenborrel van Jasper, een jongetje met Down en zijn ouders. De jongens vergaten dat ze hongerig waren en dorst hadden en renden naar de trampoline, glijbaan en zandbak.
Nadat we hadden besteld en wilden gaan zitten, zagen we ouders die we maandagochtend op de Internationale school hadden ontmoet. Zij zijn ook net terug in Nederland -uit Noorwegen- en nog op zoek naar een huis. We bestelden meer bier en wijn en kletsten zoals expats dat doen: waar heb je allemaal gewoond, spreken de kinderen nog Nederlands en hoe ziet je toekomst eruit? Heerlijk ontspannen dus, want hun verhalen waren zeer herkenbaar.
We stelden de mensen uit Noorwegen aan de ouders van Jasper voor en voelde ons een klein beetje onderdeel van een netwerk worden.
donderdag 28 juni 2012
Hadden we vorige week nog een volle sociale agenda, met veel speelafspraken voor de jongens, nu is de agenda leeg. Hadden we vorige week nog het comfort van onze eigen bedden, eigen bank en eigen schilderijen aan de muren, nu zitten we in onze tijdelijke huurhuis aan een tafel die niet van ons is en kijken we naar lampen die we niet eens mooi vinden. Vorige week organiseerde ik die sociale agenda zonder problemen ‘on the go’ met de iPhone: sms, even bellen of een email sturen. Nu ben ik zelfs niet bereikbaar als er iets aan de hand is. M’n Nederlandse nummer en diezelfde iPhone willen elkaar niet. Lees verder op Gezinspiratie
donderdag 21 juni 2012
Verhuisdialogen
‘Weet jij waar die tas is, waar alle paspoorten in zitten?’
‘Die tas die je gisteren bij het bureau hebt gezet dat ingepakt werd?’
‘Ja bij het bureau dat nu in de container zit.’
‘Nee, geen idee waar die tas is, misschien in de auto?’
‘Heb ik al gekeken.’
‘Met mij. De sleutels van Kim d’r auto liggen op het aanrecht. De huissleutel zit er nog aan, haal je die eraf voordat je de sleutels overgeeft aan de nieuwe eigenaar?’
‘Oeps, Daan z’n pap staat nog in het keukenkastje thuis. En hij wil vast pap eten voor ontbijt hier in het hotel.’
‘Oké, ik ga het morgenochtend wel halen, we gaan nu eerst slapen.’
‘Heb jij gezien of de verhuizer ons beeld met de vogels heeft vastgezet, voordat hij het houten krat dichttimmerde?’
‘Nee, ik heb ‘t aan hem gevraagd. Hij zei dat het vast stond.’
“Mmmm, dan ga ik vragen of het krat weer open kan, ik wil zeker weten dat het goed vaststaat.’
‘Hé zussie, alles goed?’
‘Ja, we zijn er helemaal klaar voor om morgen jullie luchtvracht in Breda in ontvangst te nemen. Weet jij al hoe laat we er moeten zijn? Ik heb nog niets gehoord.’
‘Goeie vraag, dat klopt, we zouden vandaag een tijdstip krijgen.’
‘En nu is het al half zes hier, je verhuiscoördinator is vast al naar huis.’
‘Beetje slordig.’
‘Zal ik haar morgenochtend bellen?’
‘Graag.’
‘Harro, word wakker, je telefoon gaat nu al voor de derde keer, misschien is het ernstig.’
‘Wat? Oh, hoe laat is het?’
‘Vier uur, tien uur in de ochtend in Nederland.’
‘Hallo, met wie spreek ik?’
‘Ik sta met uw luchtvracht voor de deur hier in Breda, maar er is niemand.’
‘Is Daniël bij jou?’
‘Nee, ik dacht dat hij bij jou was.’
‘O o, dan is hij alleen met de lift naar beneden gegaan.’
‘Juist. Zou hij naar het restaurant op de tweede verdieping zijn gegaan of de lobby op de eerste?’
‘De tas ligt ook niet hier in de hotelkamer.’
‘O, nee, wat nu? Wat als…?’
‘Ja, dan moet de hele container leeg. Ik rij toch nog maar even terug naar het huis.’
‘Doe ik de jongens naar bed.’
‘Mam, papa stuurt je een smsje. Hij heeft de tas gevonden.’
‘Die tas die je gisteren bij het bureau hebt gezet dat ingepakt werd?’
‘Ja bij het bureau dat nu in de container zit.’
‘Nee, geen idee waar die tas is, misschien in de auto?’
‘Heb ik al gekeken.’
‘Met mij. De sleutels van Kim d’r auto liggen op het aanrecht. De huissleutel zit er nog aan, haal je die eraf voordat je de sleutels overgeeft aan de nieuwe eigenaar?’
‘Oeps, Daan z’n pap staat nog in het keukenkastje thuis. En hij wil vast pap eten voor ontbijt hier in het hotel.’
‘Oké, ik ga het morgenochtend wel halen, we gaan nu eerst slapen.’
‘Heb jij gezien of de verhuizer ons beeld met de vogels heeft vastgezet, voordat hij het houten krat dichttimmerde?’
‘Nee, ik heb ‘t aan hem gevraagd. Hij zei dat het vast stond.’
“Mmmm, dan ga ik vragen of het krat weer open kan, ik wil zeker weten dat het goed vaststaat.’
‘Hé zussie, alles goed?’
‘Ja, we zijn er helemaal klaar voor om morgen jullie luchtvracht in Breda in ontvangst te nemen. Weet jij al hoe laat we er moeten zijn? Ik heb nog niets gehoord.’
‘Goeie vraag, dat klopt, we zouden vandaag een tijdstip krijgen.’
‘En nu is het al half zes hier, je verhuiscoördinator is vast al naar huis.’
‘Beetje slordig.’
‘Zal ik haar morgenochtend bellen?’
‘Graag.’
‘Harro, word wakker, je telefoon gaat nu al voor de derde keer, misschien is het ernstig.’
‘Wat? Oh, hoe laat is het?’
‘Vier uur, tien uur in de ochtend in Nederland.’
‘Hallo, met wie spreek ik?’
‘Ik sta met uw luchtvracht voor de deur hier in Breda, maar er is niemand.’
‘Is Daniël bij jou?’
‘Nee, ik dacht dat hij bij jou was.’
‘O o, dan is hij alleen met de lift naar beneden gegaan.’
‘Juist. Zou hij naar het restaurant op de tweede verdieping zijn gegaan of de lobby op de eerste?’
‘De tas ligt ook niet hier in de hotelkamer.’
‘O, nee, wat nu? Wat als…?’
‘Ja, dan moet de hele container leeg. Ik rij toch nog maar even terug naar het huis.’
‘Doe ik de jongens naar bed.’
‘Mam, papa stuurt je een smsje. Hij heeft de tas gevonden.’
woensdag 30 mei 2012
Ze vertellen het verhaal van ons leven
Ik loop door ons huis met lijsten in mijn hand. Ik ga van kamer naar kamer en probeer voor onze bezittingen te beslissen op welk vel papier ze terecht komen. Voor de meubels en ander groot goed is het makkelijk, die komen op de lijst waar het vakje ‘sea freight’ is aangekruist, maar voor al onze andere spullen is het ingewikkelder. Ik probeer een scherp beeld te vormen van de eerste Nederlandse maanden en vul kleren-voor-kouder-weer, lego, boeken, dekbedden en de tv in op de lijst met het vakje ‘air freight’. Ik slaak een zucht en loop naar de garage. Ik was vergeten dat verhuizen geen fysieke activiteit is, maar vooral iets is, dat in mijn hoofd plaatsvindt. En mijn hart. Lees verder op Gezinspiratie
donderdag 24 mei 2012
Uien
Ik loop achter de winkelwagen door de Giant. Achteloos leg ik fruit in de kar, net als een zak worteltjes. Macaroni wordt hier in steeds grotere hoeveelheden gegeten, ik reik naar twee pakken, die gaan wel op vanavond. Vlees, vis, salade, de kar vult zich weer vanzelf vandaag.
Pas als ik besluit uien in de pastasaus te doen en met een netje met tien uien in mijn handen sta, moet ik een moment nadenken. Komen die uien nog wel op?
Dezelfde vraag komt in me op als ik bij de gang met een eindeloze rij cereals, automatisch naar het supergrote pak Fruitloops grijp: gaan ze die nog leeg krijgen? Ik zet het terug en kies voor het kleine pak. Net als dat ik geen nieuwe voorraad olijfolie in sla en ‘n wat bescheiden aantal toetjes in de winkelwagen laad.
De Amerikaans lang houdbare melk die ik uit het schap haal, is goed tot 6 juli. Ik probeer 6 juli voor me te zien. Ik probeer me een voorstelling te maken dat ik dan bij de Albert Heijn loop om boodschappen te doen. Dat ik vla, beschuit, hagelslag en kaas koop, maar het is een nog weinig realistisch beeld.
Morgen over vier weken vliegen we, ik hoef nog maar iets meer dan drie weken Amerikaanse boodschappen te doen -de laatste week wordt er gepakt en zitten we in een hotel. Wat willen we eigenlijk nog een keer eten? Steak natuurlijk en taco’s met extra dunne tortilla chips en guacomole, verse zalm op de barbecue, jumbo-garnalen. Ik denk aan Smores, met echte Grahamcrackers, verse maïs en voor Simeon ijs met chocoladesaus die meteen hard wordt.
De finale komt in zicht, realiseer ik me al boodschappen doend en leg twee losse uien in de winkelwagen.
dinsdag 8 mei 2012
Link online
Hoe doe ik dit nu weer? Ik kijk naar m’n scherm en krab achter mijn oor. Hoe krijg ik de lijst met alle spullen die we willen verkopen online? Ik staar naar het vakje op mijn scherm dat zegt dat ik een pdf-file niet kan uploaden en weet het niet meer. De enige oplossing die in me opkomt is om van alle pagina’s apart JPG-bestanden te maken, maar dat zou wel heel omslachtig zijn. Ik heb het gevoel dat het sneller en mooier kan en stuur een ‘help me’ bericht naar m’n alwetende zwager.
Het maken van de lijst zelf ging me goed af, compleet met foto’s, beschrijvingen en een prijs. Het lukte om er een pdf-bestand van te maken en ik wist het aantal kilobytes zover omlaag te krijgen, dat het bestand meteen opent en niet eerst secondes hoeft te laden. Ik stuur de lijst via de email naar een paar vrienden en print ‘m voor mijn schoonmaakster. Nu nog die online versie.
Uiteraard weet mijn zwager raad. Via Face Time meekijkend op het scherm van zijn laptop, leer ik hoe ik een pdf wel kan uploaden. Vakkundig voegt hij een functie aan mijn administratie-pagina toe. En inderdaad, als ik er weer alleen voor zit, heb ik de lijst binnen een paar minuten op ‘t net.
Hier vind je alles wat we te koop hebben. Ja, het is leuk om via die lijst een kijkje te nemen in mijn keuken, maar misschien dat er ook nog iets van je gading bij zit?
Laat me weten als je geïnteresseerd in iets bent, ook vanuit Nederland. Dan laten we het gewoon toch inpakken en bewaren ‘t voor je in Breda. Bedenk alleen wel dat alles wat elektriciteit nodig heeft, geen zin heeft. En: de link doorsturen mag.
woensdag 2 mei 2012
Ons huwelijk als een project
Gisteren is Harro weer naar Nederland vertrokken, nu voor bijna drie weken. En alhoewel ik me besef dat ik niet moet zeuren, ik ken hier genoeg moeders van wie de echtgenoot maanden achter elkaar in het onveilige Irak of Afghanistan zit, slaak ik toch een diepe zucht. Op twee verschillende plekken in de wereld wonen, vergt het uiterste van de veerkracht in onze relatie. Vooral in deze tijd van transitie, als de romantiek toch al niet de boventoon voert. Lees verder op Gezinspiratie
maandag 30 april 2012
opstand
Met het Koninginnedagfeest op de Nederlandse school achter ons en Harro z’n derde reis naar Nederland voor de deur, is het grote aftellen begonnen.
‘Nog vier keer naar school op zaterdag’, wist Julian vanmorgen te melden. Nog minder dan twee maanden te gaan, concludeer ik voor mezelf. Het gaat te snel, de resterende tijd is te kort.
‘We vertrekken één juni al naar de UK voor vijf weken’, vertelde een Britse vriendin bij wie we gisteren gingen barbecuen. We keken elkaar aan en trokken dezelfde conclusie: de kans bestaat dat we elkaar nooit meer zullen zien. En dat voelde vreemd en ongemakkelijk.
We kennen dit gezin al zes jaar, ze woonden met ons in dezelfde wijk in Houston en gingen net wat eerder dan wij terug naar Virginia. Niet dat we wekelijks bij elkaar op de stoep staan, maar toch.
Na een voorzichtige verspreiding van het bericht dat de auto’s te koop zijn, is de Pontiac al verkocht en komt er morgen iemand kijken naar de Chrysler.
Ik print de lijst voor de yard sale en geef ‘m aan Sandra, mijn grote hulp op maandagochtend. ‘Kijk er naar, laat me volgende week weten wat je wilt hebben. Ik wacht met verspreiden, je hebt eerste keus’, beloof ik haar.
‘Ik wil zeker de tv, de broodrooster en ga nadenken over ‘t espresso-apparaat’, reageert Sandra, terwijl ze door de lijst bladert. ‘Wat doe je eigenlijk met de keukentafel?’ vraagt ze.
Ik knik, de keukentafel is ook te koop. ‘Die wil mijn zus graag kopen’, weet Sandra zeker. Ik knik opnieuw en kijk een keer extra naar de tafel, mijn gevoel komt in opstand.
Hoeveel uren hebben we met z’n vijven wel niet doorgebracht in de grote rode minivan? Hoeveel koppen cappuccino heb ik wel niet gemaakt voor mezelf en vele vrienden en familie? Simeon en Daniël hebben allebei leren eten aan die tafel.
We tellen af naar het moment van afscheid nemen. Ik wéét dat het gaat samenvallen met aankomen, welkom geheten worden en een nieuw begin, maar voorlopig gaapt er een groot zwart gat tussen beide momenten.
dinsdag 24 april 2012
Urgent en belangrijk
Een stukje hier, een stukje daar; ik krijg lekker veel deadlines weggewerkt vandaag. Voor de woonkrant van onze makelaar in Breda een stukje over onze zoektocht naar het droomhuis (en de rol die de makelaar daarin speelde natuurlijk). Voor Down+Up mijn vaste column over onze terugkeer naar Nederland. Voor Gezinspiratie het stukje dat jullie altijd op woensdag lezen, maar door het tijdsverschil wel op dinsdag weg moet.
Andere deadlines komen ook erg dichtbij. Over twee maanden zitten we in Nederland, maar we hebben nog geen huis. Ja, we hebben een huis, maar daar kunnen we pas in de herfst in. We zoeken tijdelijke woonruimte, het liefst gemeubileerd omdat onze spullen weken op zee zullen verblijven.
Een andere deadline is 15 juni; dan beginnen de verhuizers. Dan moeten we dus weten wat in de luchtvracht moet, wat in de koffers, wat in de vrachtwagen en wat niet mee gaat. Van wat niet mee gaat, moeten we besloten hebben wat we willen verkopen op de yard sale de 17e en wat gewoon weg kan.
Dan zijn er de schoolgerelateerde deadlines. Op vrijdag heeft Julian elke week een spellingstest. De rij woorden die hij dan moet kennen wordt elke week moeilijker. Als ik hem op vrijdagochtend overhoor, kan ik de meeste woorden niet eens uitspreken. Voor de Nederlandse school is er aanstaande zaterdag een deadline: dan is april leesmaand voorbij en moeten ze alledrie hun lijst inleveren wat ze de afgelopen weken gelezen hebben, hoeveel bladzijden en hoelang. Tot nu toe hebben we de lijst alleen voor Julian ingevuld
Natuurlijk zijn er ook de dagelijkse deadlines. Altijd is er wel iets dat af moet, dat nu onmiddellijk de aandacht vraagt.
Toen ik nog op het ministerie werkte, gebruikten we daar een klein -2X2- tabelletje voor. Verticaal stond belangrijk en niet belangrijk en horizontaal urgent en niet urgent. Doel was om alles wat niet urgent en niet belangrijk was te schrappen, alles wat urgent, maar niet belangrijk was ook (of zo snel mogelijk af te wikkelen) en je te richten op alles wat belangrijk (maar niet urgent) was.
Dat werkt uiteraard niet: als de klok tikt is urgent is hetzelfde als belangrijk. De dingen die er echt toe doen -zoals wat ik eigenlijk wil gaan doen als we weer in Nederland wonen- verdwijnen vanzelf naar de achtergrond. Want een dak boven ons hoofd op 23 juni is toch net wat belangrijker. Of urgenter.
maandag 23 april 2012
deurmat
Wat zal ik er nog over zeggen? Dat ik hoofdschuddend voor de laptop zat zaterdagochtend om het live-blog op de site van de Volkskrant te volgen? Dat ik net als iedereen verrast was, maar toch ook weer niet: wat wil je nog na zeven weken onderhandelen? Dat ik Rutte en Verhagen opnieuw slapjanussen vindt omdat ze zich tot het einde hebben laten koeienoren? Dat ik niet verbaasd ben dat Wilders naar Amerika vertrekt -verwacht de Volkskrant? Dat ik denk: 27 juni verkiezingen, da’s wel heel snel?
Misschien beter om er helemaal niets meer over te zeggen, m’n schouders op te halen en over te gaan op dat wat er wel toe doet. Maar dat lukt niet helemaal. Want ik heb te maken met PGB, rugzakgelden, AWBZ, Wmo-gelden. Allemaal regelingen die of aan het verdwijnen zijn, of onder druk staan. Wat gebeurt daar nu mee? Ook een leuke: wat gebeurt er nu met de overdrachtsbelasting? We zijn wel een huis aan het kopen.
Ik laat de berichtgeving toch maar voor wat ie is en open een website met een overzicht van hotels hier in de buurt. Waar gaan we onze laatste dagen in de VS doorbrengen?
We trotseren de regen die opeens met bakken uit de lucht komt vallen en rijden met de jongens naar het zwembad. Als ze niet op de trampoline kunnen, dan maar in het water wat energie verbruiken.
We zien een leuk huurhuis voor de eerste maanden -we kunnen pas in de herfst in ons droomhuis- aan onze neus voorbijgaan en maken grapjes: ‘misschien moet de tent maar mee in de luchtvracht, kunnen we kamperen in het Mastbos.’
We bekijken de agenda voor de komende weken en stellen bezorgd vast dat het wel erg dichtbij gaat komen.
‘Maar wat,’ roep ik kijkend op die agenda uit, ‘als er inderdaad op 27 juni verkiezingen zijn? We komen op de 23e aan: dan hebben we niet ineens zomaar een kieskaart op de deurmat liggen, zo zonder adres.’
En daarmee open ik toch maar weer de websites van de Nederlandse kranten, op zoek naar meer nieuws over de Nederlandse politiek.
Misschien beter om er helemaal niets meer over te zeggen, m’n schouders op te halen en over te gaan op dat wat er wel toe doet. Maar dat lukt niet helemaal. Want ik heb te maken met PGB, rugzakgelden, AWBZ, Wmo-gelden. Allemaal regelingen die of aan het verdwijnen zijn, of onder druk staan. Wat gebeurt daar nu mee? Ook een leuke: wat gebeurt er nu met de overdrachtsbelasting? We zijn wel een huis aan het kopen.
Ik laat de berichtgeving toch maar voor wat ie is en open een website met een overzicht van hotels hier in de buurt. Waar gaan we onze laatste dagen in de VS doorbrengen?
We trotseren de regen die opeens met bakken uit de lucht komt vallen en rijden met de jongens naar het zwembad. Als ze niet op de trampoline kunnen, dan maar in het water wat energie verbruiken.
We zien een leuk huurhuis voor de eerste maanden -we kunnen pas in de herfst in ons droomhuis- aan onze neus voorbijgaan en maken grapjes: ‘misschien moet de tent maar mee in de luchtvracht, kunnen we kamperen in het Mastbos.’
We bekijken de agenda voor de komende weken en stellen bezorgd vast dat het wel erg dichtbij gaat komen.
‘Maar wat,’ roep ik kijkend op die agenda uit, ‘als er inderdaad op 27 juni verkiezingen zijn? We komen op de 23e aan: dan hebben we niet ineens zomaar een kieskaart op de deurmat liggen, zo zonder adres.’
En daarmee open ik toch maar weer de websites van de Nederlandse kranten, op zoek naar meer nieuws over de Nederlandse politiek.
donderdag 19 april 2012
A's en O's
Opgetogen komt Julian uit school: ‘mam, kijk wat ik heb!’ Normaal rent hij meteen naar boven, naar z’n kamer om te kijken hoe het met z’n draken staat (hij is, online, samen met vriendjes een drakeneiland aan het bouwen op de iPod), maar nu opent hij z’n rugzak en haalt er een bruine envelop uit.
Reden genoeg om op de plaats halt te houden en hem mijn ongedeelde aandacht te geven. Uit die envelop komt zijn rapport. ‘Ik heb op één vak na, allemaal A’s en O’s, goed hè?’ Stralend kijkt Julian me aan. Ik straal terug en ben trots op ‘m.
Voor elk vak krijgt Julian twee beoordelingen, niet alleen hoe goed, maar ook hoe hard hij gewerkt heeft. Een A voor een vak betekent ‘uitmuntend’: beter kan niet. Een O voor hetzelfde vak betekent dat de inspanning die Julian ervoor geleverd heeft ‘outstanding’ was: meer had hij niet kunnen doen.
Je kunt natuurlijk zeggen, dat een rapport maar een rapport is, en dat er andere dingen in het leven belangrijk zijn dan cijfers op school, maar zo’n lijstje geeft mij een indicatie hoe het gaat.
Hij heeft er de afgelopen maanden hard voor gewerkt: veel huiswerk gemaakt, goed opgelet. Loon naar werken is altijd fijn en motiveert om de inspanning te blijven leveren.
Op z’n eerste rapport dit jaar, in de herfst kwam Julian niet verder dan B’s, C’s en G (good) en S (sufficient) voor de inspanning. Hij had moeite met de omschakeling van het Texaanse curriculum naar het lespakket hier in Virginia. Het sluit niet aan en er worden andere eisen gesteld die hij eerst niet doorhad wat tot grote frustratie en veel moedeloos gezucht achter z’n huiswerkopdrachten leidde.
Nu zijn rapport terug is op het niveau van Houston, weet ik dat hij de draad weer heeft opgepakt.
Kortom hij heeft de verhuizing doorstaan en zit weer lekker in z’n vel. Voor mij genoeg om te constateren dat we er goed aan hebben gedaan om pas aan het einde van het schooljaar naar Nederland te vertrekken en niet met Harro zijn meegegaan op 1 april.
vrijdag 30 maart 2012
Hoofdpijn
Het begon woensdagavond: hoofdpijn. En omdat ik bijna nooit hoofdpijn heb, komt het hard aan als ik een keer aan de beurt ben. Naïef denk ik dan: nee, geen asprine, hoofdpijn betekent gas terug nemen, even rustig aan doen dan gaat het vanzelf weer weg. Dus zette ik woensdagavond de laptop uit en een simpele romantic comedy aan.
Gedurende de hele film had ik nergens last van, maar toen ie was afgelopen en ik in m’n eentje Daan kon laten plassen, de keuken kon opruimen en alle lichten mocht uitdoen -Harro is dan wel weer in de US of A, maar die avond in Houston- kwam de pijn met mokerslagen terug. Nog steeds vond ik: eerst maar ‘ns slapen, geen asprine.
Donderdagochtend was Daniël heerlijk vroeg wakker en dwarser dan dwars. Simeon kwam naar beneden met de mededeling dat hij nog steeds pijn in z’n oor had en Julian zat met denkrimpels al vroeg boven z’n huiswerk: ‘mam kan je me helpen, ik snap dit niet en het is niet leuk!’ De op de achtergrond zachtjes zeurende pijn in mijn hoofd, kwam zich onmiddellijk weer op de voorgrond melden.
In plaats van pillen, koos ik voor een echte vrouwenoplossing: koffieleuten met andere vrouwen. Omdat het hier een buitenwijk van DC is, is er altijd wel ergens een koffieochtend. Ik reed naar een enorm huis in de heuvels rondom Vienna voor de ‘IFR-coffee’, dat staat voor International Foreign Residents. De aanwezige dames waren stuk voor stuk vaker verhuisd dan ik, ook met kleine kinderen. Ze relativeerden mijn verhuisstress en overtuigden me dat het echt wel goed komt, ook al is de to-do-list nog zo lang. ‘Kinderen zijn flexibel, ze overleven zo’n verhuizing echt wel weer’, werd me verzekerd door ervaren koffiedrinksters.
In de auto op weg naar huis bonkte het wat minder in mijn hoofd. Maar toen ik m’n emails opende en zag dat zowel het rapport met de bouwkeuring binnen was, als het concept-koopcontract als offertes voor de hypotheek én dat we voor alledrie op vrijdagochtend een gesprek met Nederland zouden hebben, was het opnieuw mis.
In plaats van alles printen en rustig lezen, printte ik de papieren gehaast, stopte ze in een mapje en stapte in de auto naar de orthopeed. De huisarts had me doorgestuurd naar deze specialist omdat de ontsteking in mijn elleboog een soort cyste had achtergelaten die hij niet vertrouwde.
Braaf vulde ik de vele medische formulieren in en wachtte hypotheekoffertes lezend op mijn beurt. ‘Daar doen we niets aan’, concludeerde de specialist na een korte blik. ‘Dat is littekenweefsel en verdwijnt vanzelf.’
Binnen vijf minuten stond ik weer buiten, boos op de huisarts die voor niets alarm had geslagen. Maar mijn hoofdpijn was wel helemaal weg.
Niet uit opluchting omdat ik me ongemerkt toch druk gemaakt had om die elleboog, maar omdat ik zonder dat het teveel moeite had gekost, iets van mijn lange to-do-list af kon strepen.
maandag 26 maart 2012
Inrichting
‘Wel heel modern, vooral die keuken!’ reageert mijn Amerikaanse buurvrouw op de foto’s van het huis in Nederland dat binnenkort ons eigendom is. ‘Very clean and very white’, voegt ze er aan toe.
Ik knik, ze heeft gelijk. De grote hoeveelheid wit was ook het eerste wat mij opviel, toen we onze zoektocht naar een Nederlands huis begonnen. Het tweede dat opviel was dat het er eigenlijk overal hetzelfde uitziet.
Lopend door Nederlandse huizen en klikkend door een enorme berg foto’s op Funda, is me helemaal duidelijk wat hip en trendy is op het gebied van wonen in Nederland: naast wit is dat de kleur oranje, grote kleurige schilderijen, een beperkte hoeveelheid stoere, strakke meubels -met één verdwaald kussen op de bank- en houten vloeren.
Mooi, maar -inderdaad- erg modern.
Amerikaanse huizen zijn, voor zover ze al ingericht zijn -meestal komen ze niet verder dan een grote tv, een hangbank en een hometrainer midden in de woonkamer- of heel klassiek met veel koper en krullen of heel Engels met bloemetjes, kant en ruches. In beide gevallen vind je overal kussens. Meestal staan de huizen overvol. Twee, soms drie bankstellen, overal tafeltjes, krukjes, kasten en natuurlijk twee eettafels met bijbehorende zwaar beklede stoelen.
Ik realiseer me dat de meubels die we hier hebben gekocht, niet in het standaard Nederlandse beeld passen. In de afgelopen zes jaar is onze smaak opgeschoven: van net zo modern als de inrichtingen in de huizen waar we doorheen lopen, naar klassiek. We hebben donkerhouten boekenkasten, een groot net zo donker eiken bureau, inderdaad koperen lampen boven een bank met een donkerrode met gouden bekleding. Gelukkig geeft de zeefdruk van Matisse aan de muur er een fris tintje aan, maar toch.
Onze witte eettafelstoelen, nog uit Nederland, zijn afgeragd. Ze zitten onder de pennenstrepen en chocomelvlekken en staan op het lijstje om niet mee te gaan in de verhuiswagen.
‘Maar de straat en het huis zelf, zien er wel erg mooi uit’, vindt mijn buurvrouw.
‘Jullie zijn welkom hoor,’ reageer ik, ‘om het met eigen ogen te komen bekijken. We hebben meer dan genoeg logeerruimte. Het huis is dan wel Nederlands modern, het heeft een puur Amerikaans formaat!’
woensdag 21 maart 2012
In oktober geen pompoenen
Het is vrijdag, laat in de ochtend en ik zit op de fiets. In mijn hand hou ik de kaart van Breda. Bij ieder stoplicht sta ik stil, zoek naar de bordjes met straatnamen en kijk op de kaart, die steeds meer kreukt door de wind. Als om me heen de fietsers weer gaan rijden, stap ik ook weer op. Onzeker ga ik rechtdoor, ik ben ondanks de kaart toch de weg kwijt geraakt. In plaats van op de route te letten, kijk ik om me heen en vraag me af of deze omgeving ons nieuwe thuis zou kunnen worden. Lees verder op Gezinspiratie
donderdag 15 maart 2012
Ben er klaar voor
Mijn koffer staat klaar,
de taxi is gebeld,
de stoel in het vliegtuig gereserveerd,
het hotel betaald.
Het weekendschema voor de kinderen geprint
met logeerpartijen, verjaardagsfeestje en voetbalwedstrijd.
Koppen koffie afgesproken bij nieuwe vrienden,
een etentje bij oude kameraden.
De bezichtiging van heel veel huizen gepland
een bezoek aan de Internationale School gemaakt.
Een tafel in een gezellig restaurant gereserveerd
voor zeven personen -met kinderstoel voor 't kleine nichtje.
De kaart van Breda zit in de tas.
Ik moet alleen nog naar de kapper...
vrijdag 2 maart 2012
cijfers
Opgewekt stapt er een meneer van het verhuisbedrijf ons huis binnen. Hij opent z’n laptop, draait het scherm op de toetsen, zodat er een notitieblok ontstaat en pakt z’n speciale pennetje: ‘zo waar zullen we ‘ns beginnen?’
Harro en ik leiden hem door het huis, terwijl hij met z’n pen razendsnel op het scherm tikt. ‘Gaat die tafel mee? Hoeveel stoelen horen daarbij?’
Twijfelend kijk ik Harro aan: ‘zullen we de keukentafel wel meenemen? Misschien hebben we straks wel een huis waar geen plek is voor een keukentafel en een nette eettafel?’
‘Ik zet ze voorlopig in het systeem, jullie kunnen het altijd nog laten veranderen’, helpt de meneer. ‘Gaat die tv mee?’
‘Ja’, knikken we, die wel. ‘Maar de tv beneden niet, en ook alle lampen niet. En het koffiezetapparaat niet en de frituurpan.’
De meneer knikt en tikt weer op zijn scherm: ‘internationale verhuizingen zouden veel makkelijker zijn als we overal hetzelfde voltage zouden hanteren.’
Hij stopt voor ons beeld van de twee vogels. ‘Hier moet zeker een houten krat omheen gebouwd worden?’
‘Ja’, knikken we weer. En als hij de maten opneemt kan ik het niet laten: ‘wilt u misschien de lijst van vorig jaar gebruiken? Toen heeft ook iemand alles opgemeten.’
De verhuismeneer lacht vriendelijk en meet door: ‘we doen het toch graag zelf.’
Geroutineerd laten we zien wat er nog meer in een houten krat vervoerd moet worden: Het grote schilderij, de marmeren tafelplaat, het schaalmodel van een houten zeiljacht. ‘In de garage staat ook nog een tv, met het houten frame er nog om heen,’ herinnert Harro zich. ‘En voor de computers en de geluidsinstallatie hebben we de originele dozen bewaard.’
‘En die trampoline en de barbecue?’ de meneer staat buiten op ons terras en wijst om zich heen.
‘Alles gaat mee, net als de tafel en de rieten banken’. Ik kijk naar onze prachtige grote tuinset, die zo mooi tot zijn recht kwam op de grote patio in Houston, maar nu ingeklemd op het te kleine terras staat. Ik vraag me af of we er plek voor zullen hebben straks, zo groot zijn de meeste Nederlandse tuinen niet.
‘Ik kom op iets meer dan 20.000 pound’, concludeert de meneer als hij van z’n schermpje op kijkt. ‘Dat zou moeten passen in de twee containers die jullie zijn toegewezen. Ik schat in dat het inpakken drie dagen werk is.’
‘Fijn,’ wil ik zeggen, ‘dat had ik u zo ook wel kunnen vertellen: het zijn precies dezelfde cijfers als vorig jaar.’ Maar hou toch maar mijn mond.
maandag 27 februari 2012
Zwarte pen
Op vrijdagmiddag hebben we een afspraak op het postkantoor om Simeon z’n Amerikaanse paspoort te laten verlengen. We vullen van te voren het formulier in, zoeken z’n geboortebewijs en leggen ook z’n oude paspoort op het stapeltje mee te nemen spullen.
Op vrijdagochtend bedenk ik me, net voordat Harro naar z’n werk vertrekt dat er kopieën van onze Amerikaanse rijbewijzen bij moeten. Hij legt zijn rijbewijs snel onder de printer annex kopieerder en en ik doe later op de ochtend hetzelfde.
Vlak voordat ik Simeon van school ga halen, stop ik alles in een tas: zwembroek voor de zwemles, boodschappenlijst, gymkleren en papierwerk voor ‘t nieuwe paspoort inclusief een cheque -het postkantoor doet niet aan credit cards. Pas als we bij de mevrouw in het hokje zitten ‘s middags en ze om onze rijbewijzen vraagt, bedenk ik me dat mijn exemplaar nog op de printer ligt.
De jongens moeten ook nieuwe Nederlandse paspoorten. Het bezoek aan de ambassade dat daar voor nodig is, staat voor aanstaande woensdag gepland: nog meer papierwerk.
Er is komend weekend een belangrijk congres over het syndroom van Down in DC, ik heb eigenlijk beloofd om te gaan helpen. Een Nederlandse vriendin die tegenwoordig in Parijs woont, is een paar dagen in het land. ‘Zin om te lunchen?’ vraagt ze.
‘Nou, eigenlijk geen tijd’, reageer ik.
Donderdag komt het verhuisbedrijf een inschatting maken van de hoeveelheid spullen die we mee terug nemen, zodat ze inpakkers kunnen inplannen en containers kunnen bestellen. Dus moeten we nu eigenlijk beslissen wat in de luchtvracht mee gaat en wat we niet mee kunnen of willen nemen. Harro en lopen door het huis: kan de tv -en de Xbox- ook op 220? Zouden we de wasmachine kunnen ombouwen? Is er een verloopslangetje te koop, zodat onze gasbarbecue ook op Nederlandse propaanflessen past? Mag Harro z’n Laser ook mee?
We praten met makelaars en kiezen er op goed geluk één: hopelijk vindt hij ons droomhuis, tenminste als we het eens kunnen worden hoe ons droomhuis eruit ziet.
‘Anders komen jullie bij ons, is dat niet handiger?’ vragen Britse vrienden, waar we een zondagse lunchafspraak mee hebben. ‘Bedankt, maar nee’, antwoord ik.
Zelf koken en gastvrouw spelen is wel meer werk, maar geeft me een ochtend het idee dat het gewone leven ook nog doorgaat. We maken risotto, drinken een glas wijn met ze en leunen achterover.
Lachend vertel ik over Simeon z’n Amerikaanse paspoort: ‘dus kon ik door de regen en de vrijdagmiddagfile helemaal terug rijden voor m’n rijbewijs.’
Harro vult aan: ‘terwijl ik daar bleef en het hele formulier opnieuw moest invullen: het moest met een zwarte pen, wat er met koeienletters boven stond!’
donderdag 23 februari 2012
Achtbaan
Plotseling zitten we in een achtbaan, en zijn we de controle helemaal kwijt. Ik heb de neiging om mijn handen voor mijn ogen te doen en hard te schreeuwen, maar dat gaat niet helpen deze keer.
In een poging de controle terug te winnen, proberen we kort door de bocht antwoorden te geven op grote vragen: naar welke school sturen we de kinderen? Hoe organiseren we het onderwijs voor Daniël? Waar gaan we wonen? En bovenaan de lijst: Wanneer zullen we vertrekken; nu of aan het einde van het schooljaar?
We vliegen die te korte bochten bijna uit en hebben een heel weekend in New Orléans nodig om een beetje bij onze positieven te komen. We gaan weer verhuizen en dit keer staat Schiphol op ons ticket.
Harro gaat officieel op één april beginnen in Rotterdam en we zouden met z’n allen voor Pasen de oversteek kunnen maken. Maar dan heeft Julian twee keer in één jaar een breuk in z’n onderwijs en met de middelbare school in het vooruitzicht is dat niet goed. Bovendien leert enig voorwerk ons dat we niet binnen een paar weken goed onderwijs voor Daan kunnen organiseren in het land waar aan alle kanten bezuinigd wordt op juist onderwijs voor hem.
Tussen de cocktails en de jazz-muziek door beslissen we, dat we niet meteen op stel en sprong de dozen weer gaan inpakken. Ook al betekent dit dat we -net als vorig jaar- een aantal maanden apart zullen wonen. Ik weet nog goed dat we vorig jaar juli zeiden: ‘dit doen we nooit meer!’
Op zaterdagmiddag regent het pijpenstelen in de stad van Mardi Gras. We vinden het niet eens echt erg. Het dwingt ons om tegenover elkaar te zitten, met ieder een glas wijn bij de hand en de iPad tussen ons in. Harro tikt in: ‘www.funda.nl’ en samen bekijken we Nederlandse huizen.
Als we de filter zetten op 5+ kamers, vallen er veel huizen af. Als we vervolgens zelf selecteren op ‘zo’n grote tuin dat er met gemak een trampoline in past’ blijven er nog minder huizen over. En eigenlijk willen we ook hoge plafonds, twee badkamers (minimaal), in een woonwijk met de bakker en een speelpleintje op loopafstand, een aparte werkkamer, een bijkeuken en een geheel ingerichte woonkeuken.
‘Eigenlijk zoeken we een Amerikaans huis in een Nederlandse wijk’, concludeer ik. ‘Dat lijkt me een mooie zoekopdracht voor een makelaar!’
Heel langzaam mindert de achtbaan vaart. We hoeven niet morgen in te pakken, we weten waar we zouden willen wonen. De volgende stap is de zoektocht naar de juiste school of scholen. ‘Ik wil wel naar dezelfde school als Daniël!’ stelt Julian, om er snel achteraan te plakken: ‘maar eigenlijk wil ik helemaal niet weg, dus jullie mogen er niet over praten.’
Vanwege de carnavalsvakantie stokt het emailverkeer met Nederlandse scholen: we krijgen even ruimte om adem te halen en een antwoord te vinden op Julian z’n andere eis toen we hem vertelden dat Nederland ons nieuwe thuisland wordt: ‘Oké, maar ik wil wel nog naar Orlando, naar de Universal studios, naar Hogwarts. Wanneer gaan we dat doen?’
donderdag 6 oktober 2011
Auto's
Verhuizen betekent stapels verhuisdozen waar geen einde aan komt, stoffigheid alom, kwijtgeraakte spullen -waar is toch dat koffiezetapparaat?- en onwennig rondlopen in een nieuw huis op zoek naar de lichtknopjes.
Verhuizen betekent ook stapels administratie. Niet alleen om ervoor te zorgen dat de post weer op het juiste adres bezorgd wordt, of dat we in het nieuwe huis weer gas, water en electriciteit hebben. Er is ook veel papierwerk nodig zodat we in de nieuwe staat weer legaal mogen autorijden.
De auto's moeten een uitgebreide inspectie ondergaan, die geld kost omdat de eisen hier strenger zijn dan in Texas. Samen met Simeon heb ik vorige week in de regen bij een wat sjofele garage zitten wachten tot ze onze familiebak hadden onderzocht en ik de papieren met het goedkeurende stempel erop, in mijn tas kon stoppen.
De lange aanvraagformulieren kunnen we online invullen. Niet alleen om de auto in Virgina te laten registeren, maar ook voor het verkrijgen van een Virginiaans rijbewijs. Uiteraard kunnen we die formulieren niet online inleveren, zodat we ze moeten printen en ik ze samen met de inspectieverslagen, de bewijzen van ons adres en de Texaanse papieren van de auto, naar het overheidskantoor dat bekend staat onder de naam DMV, mag brengen.
‘Heeft u geen brief van de immigratiedienst bij u?’ vraagt de dame bij de receptie kribbig. Ik begrijp dat ze de hele dag niets anders doet dan formulieren controleren voordat ze iemand naar het juiste balie stuurt en dat je daar vanzelf onaardig van wordt, toch ben ik geïntimideerd.
‘Nee, alleen m’n visum.’
‘Nou, misschien dat ze dat genoeg vinden, u mag door.’
De dame achter de balie is net zo vrolijk gehumeurd. Als allereerste gaat ze alle gegevens op de aanvraagformulieren -die Harro afgelopen weekend zo ijverig heeft ingetypt- in haar computer invoeren. Ik wacht geduldig en beheers me, check niet even snel m’n email of er al een bericht is over een recensie van m’n boek.
‘Do you have the tile?’
Ik heb geen idee waar ze het over heeft, stotter wat en krijg het warm. Gelukkig wijst ze op een officieel uitziend formulier van de staat Texas dat uit mijn mapje steekt. Vriendelijk glimlachend overhandig ik haar het formulier en negeer haar neerbuigende blik. Blijkbaar hoor ik het DMV-jargon te kennen.
Na veel heen en weer geschuif met papieren, mag ik een foto laten maken. Opgelucht lach ik in de camera, het gaat lukken om een nieuw rijbewijs te krijgen.
Ik betaal, zeg vriendelijk thank you en loop zo snel mogelijk het kantoor uit. Met nummerplaten van Virginia onder mijn arm. Nu de auto van Kim nog.
Abonneren op:
Posts (Atom)